10 redenen om zelf te publiceren

Gepubliceerd op 3 augustus 2022 om 09:24

Wist je dat Margaret Atwood (The Handmaid’s Tale), E. L. James (Fifty Shades of Grey), Andy Weir (The Martian), Marc Twain (The Adventures of Huckleberry Finn), Stephen King ooit self publishers waren? Als zij dat konden, dan kan ik het ook. Minderwaardig? Ik denk het niet. Geen boekhandel die het inkoopt! Kan best. We zullen zien.

10 redenen om zelf te publiceren

We hebben het in dit artikel over het zelf op de markt brengen van een fictiewerk met uitsluitend tekst (roman, thriller, fantasy enz.). Niet over kookboeken of geschiedenisboeken met een overdaad aan foto’s.

Zelf uitgeven wordt vaak als minderwaardig aanzien. Dat hoeft niet. Hier zijn 10 redenen waarom.

1. Redactie

Een van mijn allergrootste verwachtingen naar een uitgeverij was de redactie. Een redacteur van een uitgeverij zou immers mijn manuscript op een hoger niveau tillen. Dacht ik. Maar het is lang geen zekerheid. Hoe vaak lees je niet in recensies over boeken van gerenommeerde schrijvers dat het verhaal zich pover ontwikkelt, dat de redacteur beter zijn werk had moeten doen, de teugels strakker  houden. Zoals in deze recensie in De Morgen over Hebben en zijn van Dimitri Verhulst (alleen voor abonnees), of deze in De Volkskrant over Let op mijn woorden van Griet Op de Beeck  (ook alleen voor abonnees). Ja, maar, Griet Op de Beeck heeft er toch maar een paar honderdduizend van verkocht. Klopt, lezers zijn vaak minder gefocust op taal dan op het verhaal.

Toch is een degelijke redactie absolute prioriteit nummer één. Als je zelf publiceert, sla deze stap NOOIT over. Laat dit doen door een professionele redacteur tegen betaling. Dat geeft dezelfde garanties naar kwaliteit van je manuscript als bij een uitgever. Luister naar je redacteur, hij weet het beter dan jij, daarom is hij redacteur. Ga niet discussiëren want dan is je redactie waardeloos. Lees hierover meer in mijn artikel Redactie. Marteling of weldaad.

2. Coverontwerp

Een tijdrovende job waar uitgevers naar mijn mening te snel overgaan. De lay-out wordt vaak beperkt tot wat kleurloze typografie (alleen tekst), of een ondermaatse illustratie. Een foto zie je zelden, zeker als het over ‘literatuur’ gaat. Bij bekende schrijvers is dat ook geen probleem, want dan word je niet aangetrokken door een foto maar door een naam, een Verhulst of een Brusselmans. Foto’s kosten ook geld als je ze moet aankopen. Ikzelf ben niet beroemd en heb dus liever een foto die de potentiële lezer hopelijk aanzet tot een nader onderzoek. Als de tekst op de cover ook nog aanslaat, zal die potentiële lezer het misschien aankopen en vooral: lezen. Een cover maken kan ikzelf even goed als een uitgever, volledig naar mijn eigen zin, al werk ik er dagen of weken aan. En ik beleef er immens veel plezier aan.

3. Binnenwerk

Of met een ingewikkeld woord waar uitgevers je mee om de oren slaan: typografie. Je denkt meteen: wow, dat kan ik niet. Toch wel. Het wordt moeilijker voorgesteld dan het is. Iets wat alleen uitgevers zouden kunnen. Larie. Er zijn een aantal vaststaande principes die je moet respecteren (bladspiegel, colofon, afbreekroutines). Vooral die afbreekstreepjes zijn erg tijdrovend maar absoluut noodzakelijk voor een vlot leesbare tekst zonder al te veel witte plekken of kladderige tekst. Mits geduld (een erg nuttige eigenschap in het boekenvak), doorzetting, enige IT vaardigheid kan iedereen dit. Heb je die eigenschappen niet? Vraag raad aan iemand die ze wel heeft.

4. Drukwerk

Ik heb al boeken gezien, zelfs van hele grote schrijvers, met een zeer belabberde kwaliteit. POD diensten beschikken tegenwoordig over zeer goede machines en hebben meestal een resem aan papierkeuzes. Overigens heb je voor romans en fictie alleen getint romanpapier van 90 gram nodig. Digital Print (kleine oplagen) en offset (grotere oplagen) staan even goed ter beschikking van de self publisher. Ik werk via Brave New Books, een imprint van de groep Singel Uitgeverijen met o.a. Nijgh & Van Ditmar, Querido, De Arbeiderspers, De Geus. Dat zijn geen prutsers hoor. Zeer professioneel en ongeziene ondersteuning binnen de 24 uur!

5. Boektrailer

Boektrailers kosten een bom geld en zijn vaak zeer ondermaats. Ik dacht lang: ik begin er niet aan. Maar je ziet ze steeds meer waardoor ik uiteindelijk ook overstag ben gegaan. Ik heb enorm lang gezocht naar een degelijk programma, terwijl het gewoon op mijn laptop stond: Adobe Rush, gratis bovendien, veel gebruikt door TikTok’ers. Ik dacht dat het vreselijk moeilijk zou zijn, maar dat was het uiteindelijk niet. Maar onthoud: zo’n trailer is wel leuk, maar daar verkoop je geen boek meer mee. Goede raad: als het niet degelijk is gedaan, doe het niet.

6. Promotie

Promotie is voor een uitgeverij seriewerk, al zeker voor een debuterende onbekende schrijver: foldertje hier, catalogus daar en dat is het. Op naar de volgende. Als schrijver moet je alle promotie zelf doen. Dat geldt ook voor de grote namen, want ook zij moeten zich de benen vanonder het lijf lopen voor presentaties, signeersessies en interviews. Sommigen hebben wel het voordeel dat uitgeverijen enorme budgetten lanceren, maar dat is alleen voorbehouden aan de goudhaantjes. Grote uitgeverijen hebben ook een voet binnen bij kranten en media, om hun nieuwe uitgaven in de verf te zetten. Ons kent ons.

Ik heb ervoor gekozen om in de eerste plaats digitaal te gaan. Niet te starten met een fysieke boekpresentatie of signeersessie. Ik zie wel wat ervan komt. Kan ik later nog altijd de hort op gaan. Marketing en promotie heb ik volledig in eigen handen. Ik doe wat ik wil, wanneer ik wil. Ik beslis zelf hoeveel ik spendeer. Ik heb het volledig marketingspectrum ter beschikking: ik meet dag aan dag wat werkt en wat niet, ik kan A/B analyses doen, werken met landingspagina’s, advertenties, mailinglists, website, sociale media, pers, enz. Bovendien kan ik de verkoop op de voet opvolgen. Bij een uitgever krijg je in het beste geval om de zes maanden een resultaat van de verkoop. Zo werkt marketing niet. Ik krijg de resultaten dag aan dag. En wat meer is: mijn royalty’s worden elke maand stipt uitbetaald!

7. Het eeuwige wachten

Werken met uitgeverijen is wachten op Godot: weken, maanden, zelfs jaren om één manuscript uit te geven. Dat is onverantwoord. Als je zelf publiceert hoeft wachten niet langer, hooguit eens een paar werkdagen op een proefdruk. Je bent je eigen baas. Als je zin hebt, begin je eraan. Ik heb altijd zin.

8. Afhankelijkheid

Eens je een contract hebt getekend ben je compleet afhankelijk van de uitgever. Je kan geen kant meer op. De verhalen die ik hoor zijn wraakroepend. Ook grote uitgeverijen gaan niet vrijuit. Over voorraden van paperbacks die plots worden opgedoekt zonder medeweten van de auteur, over voorraden die niet worden aangevuld zonder medeweten van de auteur, over royalty’s die niet worden uitbetaald als je er niet om smeekt.

Als ik zelf publiceer doe ik wat ik wil, wanneer ik wil en hoe ik wil. Ik kan nieuwe versies publiceren, kan mijn boek terugtrekken en alles blijft te allen tijde mijn eigendom. En verkoop ik uiteindelijk maar 100 boeken? Wat dan nog. Het is mijn verhaal dat telt. De gemiddelde verkoop van een boek in Vlaanderen en Nederland is 400, bestsellers inbegrepen. Je kan maar beter niet gaan zweven want de landing kan erg pijnlijk zijn. Ik ben mijn eigen baas, en daar hou ik van. En ik heb de grootste lol.

9. Voorraad

Papier is een erg duur goed geworden. Als je regulier publiceert via een uitgever (als je die vindt), dan moet er bij offset al snel een voorraad van 400 exemplaren worden gedrukt. Als je er maar 200 verkoopt, dan ligt daar een turf verspild papier en dat is zonde in deze tijd waarin duurzaam ondernemen een must is. Ik mag er bovendien niet aan denken dat mijn kostbare roman waarin ik zoveel tijd en energie heb gestopt, op een hoop wordt gekwakt in een houten bak in een warenhuis of op een zogenaamde lokale boekenbeurs (lees rommelboekenbeurs), georganiseerd door een uitgeverij en enkele lokale boekhandels om de overschotten kwijt te raken.

10. Royalty’s

Een vaak gehoord probleem bij elke uitgeverij: waar blijven mijn royalty’s. Dat probleem heb je niet als self publisher, gesteld dat je een degelijk platform gebruikt zoals Brave New Books of Pumbo. Elke dag kan je de verkoop volgen en de royalty’s worden elke maand uitbetaald. Dat is leuk, maar het is ook een absolute voorwaarde om je marketing te stroomlijnen. Hoe kan je nu weten of een marketingcampagne naar de pers of een advertentiecampagne vruchten afwerpt als je pas na een jaar het resultaat ziet? Niet dus. Marketing werkt alleen als je alles op de voet kan volgen, meten en bijsturen.

Zijn er dan geen nadelen aan zelf publiceren?

Wellicht wel, bijvoorbeeld dat er veel energie in kruipt. Maar als je die voor één boek hebt geïnvesteerd, win je die terug bij je volgende projecten.

Een ander nadeel dat je vaak hoort: boekhandels kopen geen boeken in van self publishers, ook wel indie auteurs genoemd. Kan best, maar dat is ook het geval bij onbekende auteurs die via een uitgeverij werken, zeker via tweederangs uitgeverijen. Je moet zelf de boer op om overal exemplaren achter te laten ‘in consignatie’. Drie of zes maanden later moet je alweer op stap om te gaan kijken hoeveel ervan verkocht zijn.

Overigens ben je als self publisher lang niet in slecht gezelschap. Margaret Atwood (The Handmaid’s Tale), E. L. James (Fifty Shades of Grey), Andy Weir (The Martian), Marc Twain (The Adventures of Huckleberry Finn) gingen je voor. Stephen King publiceerde op zijn vijftiende in eigen beheer en startte later zijn eigen uitgeverij Triad & Gaslight. Er is hoop!

Het is pas als je boek prijzen behaalt of in bestsellerslijsten verschijnt dat een boekhandel zal geïnteresseerd raken, en heel misschien jouw boek in de vitrine plaatsen, want uiteindelijk moet de uitbater ook zijn boterham verdienen en verkoopt hij liefst boeken die goed over de toonbank gaan. Veel begrip daarvoor.

Vond je dit artikel interessant? Aarzel niet om te delen.
Of beter nog: schrijf je hieronder in voor mijn fanclub.


«   »